Want waar je aandacht naartoe gaat, gaat uiteindelijk ook een deel van je leven naartoe
Er was een tijd waarin informatie schaars was.
Als er iets belangrijks gebeurde, hoorde je dat misschien later die dag. Of de volgende dag.
Als je op iemand stond te wachten, wachtte je.
Als je je verveelde, verveelde je je.
Nu hoef je eigenlijk nooit meer zonder prikkels te zitten.
Nieuws.
WhatsApp.
YouTube.
Instagram.
Podcasts.
E-mail.
Even niets te doen?
Telefoon erbij.
Naval Ravikant noemt dat een van de grote uitdagingen van deze tijd.
Niet een tekort aan mogelijkheden.
Maar een overvloed.
Alles wil iets van je
Je telefoon is een bijzonder apparaat.
Hij geeft je toegang tot bijna alle kennis van de wereld.
Maar tegelijkertijd geeft hij bijna de hele wereld toegang tot jou.
Iedere app wil dat je kijkt.
Klikt.
Leest.
Reageert.
Nog één filmpje.
Nog één bericht.
Nog even kijken wat er gebeurd is.
En voor je het weet heb je een half uur besteed aan dingen waar je helemaal niet bewust voor hebt gekozen.
Dat vind ik een belangrijk onderscheid.
Het probleem is niet dat sociale media, nieuws of entertainment slecht zijn.
Het probleem ontstaat wanneer anderen voortdurend bepalen waar jij je aandacht aan geeft.
Ons brein is niet veranderd
Naval maakt in de video een interessante vergelijking.
Vroeger was veel schaars.
Suiker was waardevol.
Nieuws kon belangrijke informatie bevatten.
Entertainment was beperkt.
Als iets beschikbaar was, was het logisch om ervan te profiteren.
Ons brein heeft die neiging nog steeds.
Alleen is het aanbod inmiddels vrijwel onbeperkt.
Er is altijd meer.
Meer eten.
Meer nieuws.
Meer entertainment.
Meer meningen.
Meer mensen om jezelf mee te vergelijken.
Ons brein leeft nog steeds alsof het moet pakken wat beschikbaar is.
Terwijl we inmiddels juist moeten leren stoppen.
Hoeveel wereld heb je eigenlijk nodig?
Ik merk het zelf ook.
Je leest het nieuws.
Daarna nog een achtergrondartikel.
Dan een mening over dat artikel.
Vervolgens de reacties op die mening.
En ineens ben je emotioneel betrokken bij iets waar je waarschijnlijk helemaal geen invloed op hebt.
Natuurlijk vind ik het belangrijk om te weten wat er in de wereld gebeurt.
Maar moet ik alles weten?
Moet ik iedere discussie volgen?
Moet ieder probleem op aarde ook een probleem in mijn hoofd worden?
Steeds vaker denk ik:
nee.
Niet uit onverschilligheid.
Maar uit zelfbescherming.
We zijn verleerd ons te vervelen
Een ander punt uit de video bleef bij me hangen.
We hoeven bijna nooit meer alleen met onszelf te zijn.
Sta je vijf minuten in de rij?
Telefoon.
Zit je in de trein?
Telefoon.
Wacht je op iemand?
Telefoon.
Zelfs tijdens een wandeling luisteren we vaak naar muziek of een podcast.
Er hoeft nooit stilte te zijn.
Dat lijkt prettig.
Maar misschien verliezen we daarmee ook iets.
Want juist wanneer er even niets gebeurt, krijgt je hoofd ruimte.
Om na te denken.
Om iets te verwerken.
Om ergens op te komen.
Of gewoon om even niets te hoeven.
Verveling hoeft misschien niet altijd opgelost te worden.
Alleen kunnen zijn
Naval noemt het vermogen om alleen te kunnen zijn zelfs een soort superkracht.
Dat vind ik mooi.
Niet omdat je je moet terugtrekken uit de wereld.
Maar omdat je minder afhankelijk wordt van voortdurende stimulatie.
Je kunt wandelen zonder podcast.
Koffie drinken zonder telefoon.
Tien minuten zitten zonder iets te consumeren.
Dat klinkt bijna belachelijk eenvoudig.
Totdat je het probeert.
Dan merk je hoeveel onrust er eigenlijk in je zit.
Je aandacht is niet oneindig
Misschien moeten we aandacht net zo serieus nemen als tijd.
We zeggen gemakkelijk:
“Ik heb daar geen tijd voor.”
Maar veel vaker zou de vraag misschien moeten zijn:
“Wil ik hier mijn aandacht aan geven?”
Want iedere keer dat je ergens aandacht aan besteedt, kan die aandacht niet ergens anders zijn.
Niet bij je werk.
Niet bij degene tegenover je.
Niet bij je lichaam.
Niet bij een goed boek.
Niet bij een gedachte die wat langer nodig heeft om zich te ontwikkelen.
En ook niet gewoon bij het moment waarin je zit.
Zet af en toe iets uit
Ik geloof niet dat we allemaal digitale kluizenaars moeten worden.
Ik wil internet niet kwijt.
Mijn telefoon ook niet.
Daarvoor zijn ze veel te handig.
Maar ik wil wel steeds vaker zelf beslissen wanneer ik ze gebruik.
In plaats van dat zij beslissen wanneer ik kijk.
Meldingen uit.
Telefoon weg tijdens een gesprek.
Niet ieder verloren minuutje opvullen.
Niet iedere ochtend beginnen met wat de rest van de wereld belangrijk vindt.
Het zijn kleine keuzes.
Maar misschien zit daar juist de vrijheid.
De moderne wereld zal niet ineens stiller worden.
De hoeveelheid informatie gaat waarschijnlijk alleen maar toenemen.
Dus moeten wij iets anders leren.
Niet alles volgen.
Niet overal op reageren.
Niet iedere prikkel binnenlaten.
Je kunt niet bepalen hoeveel de wereld naar jouw aandacht vraagt.
Je kunt wel bepalen hoeveel je ervan weggeeft.