Over de veranderende vaderrol, loslaten en opnieuw leren verbinden
Vader zijn was jarenlang heel duidelijk.
Er moest van alles.
Brengen.
Halen.
Helpen.
Regelen.
Luisteren.
Oplossen.
Er was altijd wel iets waarin je nodig was.
En ergens geeft dat houvast.
Je weet wat je rol is.
Maar kinderen worden ouder.
Ze gaan hun eigen leven leiden.
Ze maken hun eigen keuzes.
Ze regelen steeds meer zelf.
En dan verandert er iets.
Niet in hoeveel je van ze houdt.
Wel in hoe je vader bent.
Minder nodig zijn voelt niet automatisch als vrijheid
Mijn kinderen zijn inmiddels volwassen.
Ze hebben hun eigen leven.
Hun eigen plannen.
Hun eigen ritme.
En dat is natuurlijk precies wat je als vader uiteindelijk hoopt.
Dat ze zelfstandig worden.
Dat ze hun eigen weg vinden.
Maar er zit ook een andere kant aan.
Je wordt minder vanzelfsprekend onderdeel van hun dagelijks leven.
Je hoort niet meer alles.
Je weet niet altijd wat er speelt.
En soms voelt het alsof veel gewoon langs je heen gaat.
Dat vind ik lastiger dan ik vooraf had gedacht.
Als contact vooral van jou moet komen
Wat ik misschien nog wel het moeilijkst vind, is wanneer ik het gevoel krijg dat contact vooral van mijn kant moet komen.
Een bericht sturen.
Bellen.
Vragen wanneer we elkaar weer zien.
Opnieuw initiatief nemen.
Dan kan er iets gaan knagen.
Willen zij mij eigenlijk wel zien?
Ben ik nog belangrijk voor ze?
Waarom bellen zij mij niet eens uit zichzelf?
Ik weet ook dat volwassen kinderen daar waarschijnlijk heel anders naar kijken.
Ze zijn druk met hun eigen leven.
Niet bellen betekent niet automatisch niet geven om.
Maar gevoel en verstand lopen niet altijd netjes gelijk op.
Van zorgen voor naar beschikbaar zijn
Misschien is dat wel de grootste verandering in vaderschap.
Vroeger bestond vader zijn voor een groot deel uit zorgen voor.
Nu gaat het steeds meer over beschikbaar zijn.
Niet overal bovenop zitten.
Niet voortdurend advies geven.
Niet verwachten dat je overal bij betrokken wordt.
Maar wel laten weten:
Ik ben er.
Dat klinkt eenvoudig.
Ik vind het soms helemaal niet eenvoudig.
Want beschikbaar zijn zonder nodig te zijn vraagt iets anders van je.
Je moet ruimte geven zonder afstandelijk te worden.
Interesse tonen zonder te controleren.
Contact zoeken zonder het gevoel te krijgen dat je achter iemand aanloopt.
En soms ook accepteren dat je niet alles weet.
Loslaten zonder los te laten
We zeggen gemakkelijk dat je kinderen moet loslaten.
Maar eigenlijk vind ik dat geen goed woord.
Ik wil mijn kinderen helemaal niet loslaten.
Ik wil ze alleen niet vasthouden.
Dat is iets anders.
Ik wil betrokken blijven.
Weten hoe het met ze gaat.
Hun verhalen horen.
Samen dingen doen.
Maar ik wil ook respecteren dat hun leven niet meer om hun ouders draait.
En misschien hoort daar het ongemak bij dat ik niet meer vanzelfsprekend overal onderdeel van ben.
Dat is geen mislukking van het vaderschap.
Het is juist het gevolg ervan.
Je rol verdwijnt niet, hij verandert
Misschien heb ik lang gedacht dat goed vaderschap vooral zichtbaar was in wat ik deed.
Problemen oplossen.
Helpen.
Aanwezig zijn.
Maar volwassen kinderen hebben iets anders nodig.
Niet altijd een oplossing.
Soms niet eens advies.
Misschien vooral iemand bij wie ze terechtkunnen zonder dat daar voorwaarden aan zitten.
Iemand die geïnteresseerd blijft.
Die niet onmiddellijk oordeelt.
Die blij is wanneer ze bellen.
En die er ook is wanneer het even niet goed gaat.
Dat is minder zichtbaar dan vroeger.
Maar niet minder belangrijk.
Ook mijn verwachtingen veranderen
Daar hoort voor mij nog iets bij.
Ik mag verlangen naar contact.
Ik mag het jammer vinden wanneer ik weinig hoor.
Ik mag mijn kinderen missen.
Maar ik moet oppassen dat ik van dat verlangen geen rekening maak die zij moeten betalen.
Ik heb nu drie keer gebeld, dus nu is het jouw beurt.
Zo werkt een relatie uiteindelijk niet.
Dat betekent niet dat alles maar van één kant moet komen.
Wel dat ik eerlijk kan zeggen dat ik contact belangrijk vind, zonder mijn kinderen verantwoordelijk te maken voor mijn gevoel van betekenis als vader.
Dat onderscheid vind ik belangrijk.
Een nieuwe relatie met elkaar
Misschien moet ik mijn kinderen ook opnieuw leren kennen.
Niet meer alleen als mijn zoon of dochter.
Maar als volwassenen.
Met hun eigen ideeën.
Hun eigen twijfels.
Hun eigen relaties.
Hun eigen kijk op het leven.
En misschien moeten zij mij op hun beurt ook opnieuw leren kennen.
Niet alleen als hun vader.
Maar als mens.
Dat lijkt me eigenlijk een mooie ontwikkeling.
De relatie wordt minder vanzelfsprekend.
Maar daardoor kan ze misschien ook bewuster worden.
Vader blijf je
Ik denk dat ik nog bezig ben deze nieuwe rol te leren.
Soms gaat dat makkelijk.
Soms doet het pijn.
Vooral wanneer ik het gevoel heb dat ik verder weg sta dan ik zou willen.
Maar misschien hoort dat erbij.
Mijn taak is niet meer om hun leven te organiseren.
Mijn taak is ook niet om ervoor te zorgen dat ze mij nodig blijven hebben.
Misschien is het veel eenvoudiger.
Betrokken blijven.
Interesse tonen.
Initiatief nemen zonder bij te houden wie wanneer aan de beurt is.
En ondertussen ruimte geven aan hun eigen leven.
Want uiteindelijk is het misschien juist een teken dat iets goed is gegaan wanneer je kinderen je steeds minder nodig hebben.
En tegelijkertijd hoop ik op iets anders:
dat ze blijven weten dat ze me altijd mogen nodig hebben.